Met een verstropte neus, pijnlijke spieren en en oude matras was mijn nacht niet geweldig. Maar de dag wordt beter, want de zon schijnt en ik drink koffie op hetteras. 25 graden wordt het volgens een man gisteren. Die man, yigal en nog iets, was joods en heeft me een avondtoer van de nieuwe stad gegeven. Die nieuwe stad is nogal verander sinds vorige keer. Jaffa road is elemaal opgebroken voor de aanleg van een spoorlijn. De oude stad is hetzelfde, voor zover ik al gezien heb. Het ruikt hier naar jeruzalem. Nu ga ik snel een ander hostel zoeken.
Archief voor Uncategorized
Dag 1: wachten und flugen
Naast me zit een orthhodoxe familie met twee luide kinderen. Het meisje heeft een roze bolletjestrui, de jongen een blauwe. Mét pijpenkrullen. Ze hebben gelijkaardige lakéschoentjes aan en ze spreken jiddish. Mijn neus en ogen zijn een beetje uirgededroogd. Aan de arme kant zit een Russiche vrouw door mijn reisgidsen te bladeren. Ze probeert af en toe met me te praten maar etser dan ‘da!’ en plaatsnamen in israel raken we niet. mijn arm doet soms pijn.. Daartegenover staat wel dat mijn honger gestild is door een relatief lekkere maaltijd. Kip en spaghetti. het vliegtieg is vertrokken met een half uur vertraging. Er moest “een nieuwe module gestoken worden”. Nog 2 uur.
Hitlerhumor
en ook fruithumor.
fruit met snorretjes omdat de wereld boos was.

Vrolijke gedachte
Ik zag vandaag een haar, in de vorm van een yin-yang symbool, de cirkel moest alleen wat meer gesloten zijn. Nu leek het alsof een van de twee veel dikker was en dan is heel het harmonie gedoe eraf.
Misschien was het wel realistischer, meer hoe de dingen eigenlijk in elkaar zitten.
Vandaag zag ik het echte gezichte van yin en zijn dikke broer yang.
Dat maakt me blij

Dag 2
27-07-07
Vandaag stonden we vroeg op, om zeker voor sabbat in Jeruzalem te zijn. We namen een sherut-taxi. Sheruts zijn camionetjes voor zo’n 10 personen die je van regio naar regio brengen. Ze vertrekken pas als ze volzet zijn. We moesten naar Saint George Street, maarpPer vergissing zeiden we King George.
“Is oke, i drive there, very close stop.” was het geruststellende antwoord. Na onze verbetering was het antwoord, al even gerusstellend. “Is oké, you take taxi, i’ll bring you.” En onze bus werd een taxi die ons afzette aan het station. De man bood ons een rondreis door jeruzalem en omstreken aan, aan ‘zeer redelijke prijzen’. ‘It is bussiness, but alsoo pleasure for you.’ Verder hadden de busjes ook zo’n gekke handen om de deur te openen. Geen electronische knop die de deur doet pffsjt zeggen, maar gewoon, een stok die de deur openduwt.
Ook dit hotel is Joods en kosher. Er hangt op elke deurstijl een stokje met een shien op (zo’n Wtje). Het beschermt de kamer, enzo. bij nader onderzoek noemt dat ding een mezuza of mesoesa ofzoiets.
We namen een lift naar het achtste verdiep. Tot onze grote frustratie had iemand alle knopjes ingedrukt en moesten we dus een tergende 7 seconden wachten op elke verdieping. pas toen we boven het bordje ’sabbatlift’ lazen, werd het duidelijk. op vrijdag en zaterdag stopt deze lift op elke verdieping, zodat je de lift kan nemen, zonder een knopje in te drukken en dus de sabbatregels te overtreden. Ik had eens gehoord dat het bestond, zo’n lift, maar ik geloofde niet dat dat normaal was. Maar een doodgewone novotel heeft er dus een. Bij het avondeten waren de enige die wijn kregen duidelijk niet van plan die op te drinken. Het ritueel ging als volgt: De man des huizes giet een flesje wijn leeg in een glas en prevelt enkele gebeden, hierna loopt de vrouw snel om brood (want dat vergaten ze uiteraard allemaal.) Op het gehaalde brood wordt zout gestrooid en iedereen drinkt een slok van de wijn. (ook de kleine kokhalzende kinderen.) Dit alles rechtstaand en af en toe had iemand een servet op het hoofd. U hoort het al, het was geen zicht. De echte die-hards zetten gezangen in, volledig met ritmisch getrommel op de tafel. Nuja. Ze hebben hun eigen land voor een reden, zoveel is duidelijk.
Dag 1
Het is 22/00, hier in Tel Aviv. (Bij jullie is het negen.) Ik zit ondergedoken in mijn bed, dekentje tot over de schouders.. Maar voor je in schaterlachend gehoon uitbarst, dat zou ik doen mocht iemand zonder succes zijn natte Belgische lot ontvluchten.) zal ik even vertellen over het weer hier. Vochtig en heet. Het soort hitte dat je loom maakt en ook erg intolerant voor zweetparels en okselplassen. Er valt niets aan te doen, afvegen is slechts een ironische druppel op een hete plaat. Maar dus, door dat temperaturen zelfs uren na zonsondergang een aangename 21° bereiken en Israël een welvarend land is draait de airco hier overuren. Vandaar het dekentje, dat u niet denkt dat het hier een beetje frisjes is, ofzo. Die drukkende temperaturen hebben nog andere bijwerkingen… Bij het verlaten van de taxi die we gemakshalve genomen hadden, konden we niet anders dan kokhalzen. Een indringende vis-zout-afval geur vult de gehele tel aviviaans hotelstrip. Maar daar raak je snel aan gewend. Terwijl ik puffend en zwetend de strandpromenade afwandelde richting oude stad, bereikten honderden tropische geuren me. Temidden van dat olfactorische minnespel hoef je je geen zorgen te maken over een wat ziltige bijgeur. Wat me wél verontrust is de kleding van die orthodoxe Roshanna vrouwen. (Nee, ik weet niet waarom ik ze roshanna noem.) Zwarte schoenen, een dikke kousenbroek een stevige rok een lange jas en wat pruiksels in een omgeving die zelfs dragers van katoenen zomerkleedjes doen smelten,.. Het zijn blikken waarbij je hoopt dat fysiologie en de daarbijbehorende gevoelens minder universeel zijn als verwacht.
Terug over geuren. Vandaag liep onze tocht langs de Karmelmarket. Dat is een grote, met zeilen overdekte straat, met aan weerszijde ononderscheidbare kraampjes met fruitsap, china-plastiek, vis,.. In de zijstraten zag je rokende mannen op de stoep en hoopjes afval op de grond. vooral dat laatste relativeert de welriekende zweem. de geuren deden denken aan een dierentuin in Arabië, kort samengevat. Toen we tegen zonsondergang terugkeerden naar ons hotel passeerden we een park. Aan de linkerkant lag de middellandse zee tegen de rotsen te beuken, aan de rechterkant werden overal barbecuetjes gehouden. Overal verspreid had je families en groepjes vrienden die genoten van de warme avond. De barbecuefeestjes namen soms verbazingwekkend grote proporties aan. Ik zag grote tafels met slabuffeten en tuinbarbecues vol satés. Joden, Arabieren en standaard mensen zaten dar wat te zitten en vlees te eten.
Verderop had een optreden van een soort poëziemuziek plaats. De 8 bandleden (elk met keppeltje) wachtten geduldig tot de frontman zijn Hebreeuws gebrabbel beëindigd had. Wij zijn vertrokken zodra de rest van de groep mocht meedoen. Lara is niet klaar voor joodse muziek.
Wat onze aankomst in de luchthaven betreft ben ik aangenaam ontgoocheld. Van de zware veiligheidsmaatregelen waar ik me zo op moest voorbereiden heb ik niet veel gezien. Paspoort afgeven en boefbaf, welkom in Israël. Toen ik dan naar de McDonalds ging, om een milkshake, werd ik nogal ruw tegen gehouden door een securitymannetje. “You’re still in Israël”, was het antwoord op mijn waarschijnlijk verbaasde blik. Om een busstation binnen te raken moet je door een metaaldetector en je bagage moet door een scanner. Maar de landsgrenzen, daar kijken ze niet eens naar je. Ach ja. Ik ben benieuwd naar wat Jeruzalem te bieden heeft. Hop naar het heilige land.
De rest van de foto’s hier !
Post datum. Betoging.
Ik ben niet goed in snelle afwerking en vlot online smijten.
Ik doe er nogal lang over.
Op donderdag 8 maart vond In Berchem-station de Anti-nsv betoging plaats, naar aanleiding van de (deuh!..) Nsv-betoging die op de Ossemarkt vertrok.
Interessant, dacht ik zo.

Toen ik aankwam. Alles was rustig en blauw werd nog niet overheerst door rood.

De vlaggenmast wordt bovengehaald. Eigenlijk is dit gewoon een vlag. Maar vlaggenmast klinkt zo actief en protesterig. Begin van de rode overheersing.
Een man die zich kwaad maakte, of toch begon te roepen. Wie dat hier de stationschef is. Op de overdonderende stilte die daarop volgde meende hij te moeten roepen dat wij ‘hier wat gaan betogen maar neit eens weten waarvoor.’ Waarop de man ruzie kreeg van de andere man. Kwaad in elkaars gezicht wijzen, u ziet het op de foto. Ik kon niet volgen, ik snapte de standpunten niet. De politieman waarschuwde ons geen foto’s van hun te nemen.
Ik vond die vlaggen het sterkste beeld, denk ik.

Gelieve me niet aan te klagen als dit jouw hoofd is.
Weer een doodgewoon sfeerbeeld.
We gaan zitten en vrede roepen. Vréde Vréde…
En dan gaan we lopen. Ook dat snap ik niet goed. Waarom doen we dat? Lijkt dat gevaarlijker? Is dat gevaarlijker? Antwoorden in de comments aub.

De eind-euforie, tijdens de speeches en de muziek.
De dj was uiteindelijk ons vergeten, en de band was met te weinig. Maar dat kon toen de pret niet drukken…
Hoera!
(Ja, ik wéét dat dat overbelicht is, maar ik vind dat eht dat wel een beetje krachtiger maakt. Of ook niet.)
Ik had nog nooit betogingen gefotografeerd, het was de eerste keer in het donker met dat toesteln het was de eerste keer dat ik deftig aan nachtfotografie deed tout court.
Ik heb er wel ietsje van geleerd.
Fotografen stoempen andere fotografen. Wat een egoïstische wereld.
Ach.
Ik ben blij.



















